De papklok van Puiflijk


Door: Jan Reijnen
Plaats: Puiflijk
Thema: Traditie
Periode: 19e eeuw

Het kerkgebouw en de klokkentoren van de parochiekerk van Puiflijk werden in 1868 gebouwd. Het was een forse toren voor de relatief kleine dorpskerk. Architect C.Weber van deze kerk bouwde een toren op de vierkante grondslag. De bovenbouw wordt gevormd door een octogonale klokkenverdieping, een 8-hoekige lantaarn bekroond met een hoge spits. Boven de ingang zijn fraaie afbeeldingen van de 4 evangelisten aangebracht (gerestaureerd in 2008). Eigenlijk uniek voor een Nederlands kerkgebouw.

Deze fraaie toren vraagt om regelmatig klokgelui, maar de financiële middelen waren na de bouw van de toren niet meer aanwezig. Pas in 1891 werden twee klokken aangekocht: een zogenaamde A1 klok van 638 kg en een B1 klok van 375,5 kg. Deze klokken hebben meer dan 50 jaar dienst gedaan totdat deze door de bezetter in 1943 zijn verwijderd en afgevoerd naar de smeltovens in Duitsland.

Rond 1950 worden twee nieuwe klokken aangeschaft. Eén van 700 en één van 500 kg. Deze werden betaald uit de Rijksvergoeding wegens gestolen klokken. Een aantal inwoners van Puiflijk droeg ook financieel bij.

Voor het tweemaal daags luiden van de klokken en voor het luiden van de vele kerkdiensten in 1950 ontving de koster een vergoeding van f. 200,- per jaar. Van 1950 tot 1975 werd de kleine klok met de hand als zogenaamde papklok geluid: om 12.00 uur bij het bidden voor de warme maaltijd en om 18.00 uur ten teken dat de avondmaaltijd genuttigd kon worden.

Het was een overwegend agrarische gemeenschap en de werklui die op de tuinerdrijen met tabak in de weer waren droegen geen horloges. Voor hen was het luiden van de klok teken naar huis te gaan.

Na vele jaren van restauratie van deze dorpskerk werd deze in 2008 afgesloten met herstel van het torenuurwerk, en het elektrisch luiden van de klokken. Vrijwilligers hebben  de gehele elektrische bedrading van deze toren vernieuwd, inclusief de inbouw van de schakelapparatuur. Toen werd met medewerking van fondsen en particulieren ook een klein klokje aangeschaft: de papklok. Het papklokje heeft een gewicht van 245 kg en is van de toon Cis2.

De elektronische luidmotor laat tweemaal daags het papklokje drie minuten luiden: om 12.00 en om 18.00 uur nadat deze eerst is voorzien van een voorslag. 

Ik woon 300 meter van het kerkgebouw en als ik in mijn tuin aan het werk ben is het luiden van deze papklok het signaal dat ik naar huis moet. Mijn echtgenote heeft het eten dan op tafel staan, mocht ik in gedachten zijn verzonken of de wind draagt het geluid van ons af dan zegt mijn echtgenote: “Heb je de klok niet gehoord?” In 2008 is een traditie van 1891 tot 1975 weer in ere hersteld.